Maratona Dles Dolomites 2021

Maratona Dles Dolomites 2021

INTRO: KNALDRANG

Ik typ dit stukje aan mijn bureau, terwijl ik naarstige pogingen doe om niet als een botsbal tegen het plafond te stuiteren. Na het voorbije anderhalf jaar staat mijn knaldrang even hoog als die van een hond met chronische darmproblemen die al zes dagen op een dieet van bruine bonen met tabasco staat. Of van een groep jonge militairen die na een missie van zes maanden in Afghanistan wordt losgelaten op Tomorrowland. 

Het Feest van de Bevrijding is in zicht! Ein-de-lijk! De poorten van Fuck-Coronistan zwaaien weldra open en daar liggen tientallen woeste bergpassen gewillig te wachten om heroverd te worden, met in de berm rijen van netjes gelipstickte bloemenmeisjes (-en jongens, we zijn volledig mee met de regenboogtijden) die ons vurig zullen aanmoedigen, als waren we de reïncarnatie van Marco Pantani met Cristiano Ronaldo-looks.

 

Deze week was één langgerekte, tergend trage, eindeloze zweefsprong naar het moment waarop we straks in de auto zullen stappen. Dan zullen we een grijnzende blik van verstandhouding uitwisselen en zo snel mogelijk het land uit kachelen. We zullen zachtjes beginnen met wat gebabbel over alles wat we weer (te veel) hebben ingepakt. En over die keer dat ik zonder fietsschoenen naar de Ardennen reed, om daar vervolgens anderhalf uur te moeten wachten tot de winkel in Aywaille open ging. Daarna: een podcastje over de Tour, overschakelen op wat maatschappelijke verantwoorde rock en oldies (Bruce Springsteen, Volbeat, Foo Fighters,…) om daarna met gierende banden uit de bocht te gaan in de speeltuin van de beschamend slechte sfeermuziek (Will Tura, Jimmy Frey, Slipknot, Bonzai, Broodje Bakpao, Atje voor de sfeer en alle marginale shit daartussen). Als we de eerste bergtoppen zien opdoemen, met eenzame kasteeltjes die parmantig op een rots staan te poseren, zullen we ‘Don’t stop believing’ van Journey opzetten en tegen dat we de bergweg naar Corvara opdraaien, zal ik hees zijn.

 

Ik snak naar de sappige wedstrijdverhalen van Tom Van Loon.

Naar tafelgesprekken over koers en politiek.

Naar de demarrages van Dave S, op het grote mes, vlak voor de top van de Campolongo. (Een uitzinnige Renaat Schotte op de motor denken we er wel bij.) 

Ik verlang naar een brandende zon op mijn pas geschoren benen.

Naar haarscherpe tan lines waar een kolonie mieren op kan balanceren, terwijl ze eendrachtig ‘Daar boven op den berg’ toeteren.

Naar de steile curves van juffrouw Sella en de magie van signora Pordoi.

Naar dat terras met het fantastische uitzicht bovenop de Gardena, waar ze het assortiment pannekoeken en Eisbächer hopelijk met factor 60 hebben uitgebreid. 

Ik kijk er naar uit om aan de start te staan, met de geur van verbrand rubber in mijn neus, omdat mijn Continental Grand Prix’ al vrolijk aan het ‘patineren’ zijn.

Om de Giau op te vliegen en me Bernal te voelen, en niet Remco in de regen.

Ik wil Italiaanse taart en cappucino. 

Gelato en panna montata.

Ik wil eindelijk de Fedaia zien.

En het Marmolada-meer.

Ik wil nadien op bed ploffen, naar de Tour kijken en genieten van mijn vermoeide spieren die kleine na-spasmen vertonen.

Ik wil om halftwaalf ’s nachts lichtjes aangeschoten en beschilderd bij Paolo een overwinning van de Rode Duivels vieren, liefst arm in arm zingend met twee gevaccineerde Italianen of Zweedse prinsessen.

En ik wil opnieuw de euforische gekte voelen op de Muro di Gatto, met tifosi die net als wij allemaal te lang in hun kot hebben gezeten en blij zijn dat ze zich een borstbeenontsteking kunnen brullen voor een horde sympathieke fiets-masochisten als wij.

 

Er is maar één doemscenario dat als een vervelende mug blijft rondzoemen in mijn hoofd. Stel dat ik straks een positieve coronatest afleg en niet naar Italië mag afreizen… Stop me in dat geval maar in een kamer met de fanclub van Jürgen Conings. Met een masker van een grijnzende Marc Van Ranst op mijn snufferd. Ik breng Nacer Bouhanni mee en geef hem vooraf twee gram speed. Wordt lachen. Topspektakel! 

Nu ik erover nadenk: laat die Maratona maar zitten. Overroepen.

 

Het Maratonadagboek van Rudi Schellingen

Voor de allereerste keer de Maratona rijden. Voor heel wat Granfondoteam-leden is het een droom, voor anderen een verre herinnering. En sommige Maratona-anciens kunnen zich nog nauwelijks die eerste keer herinneren. Rudi Schellingen reed de Maratona dit jaar voor het eerst en hield een dagboek bij, waarin hij zijn bevindingen neerpende.

Op 18 juli 2020, bijna een jaar geleden, besloot ik me in te schrijven voor de Maratona dles Dolomites 2021. Zonder echt te weten wat dit zou inhouden, maar in het corona-tijdperk was ieder vooruitzicht op een mooie vakantie meer dan welkom.

De voorbereiding

Trainen in 2020 was een makkie, iedereen zat thuis en we hadden niets anders omhanden. Maar tijdens de wintermaanden blijkt het plots een stuk moeilijker om de nodige trainingsijver te vinden. Niet goed voor het vertrouwen! Gelukkig brengt Zwift redding.

Jaren geleden had ik met een 12 kg zware fiets van 4 maten te groot als eens de Marmotte gereden. Ik ben er dus gerust in dat ik ook de Maratona wel zal aankunnen. Ook het feit dat we de 312 km in het kader van “Een hart voor Limburg” afwerken met een gemiddelde van +30km/u geeft me vertrouwen. De afstand zal dus geen probleem vormen, maar wat met de hoogtemeters? Dat is een ander paar mouwen.

Dan maar enkele ritten afwerken met een 2000-tal hoogtemeters. Verdorie nog niet de helft van de Maratona! Het vertrouwen krijgt opnieuw een knauw. Ook de Giro-etappe waarin de Passo Giau beklommen wordt, boezemt angst in. Wat een beestachtige klim!

Naast de twijfels over de conditie is er ook heel wat onzekerheid rond de coronasituatie. Op 12 juni heb ik mijn tweede Pfizer-vaccin gekregen maar dit zal pas aanvaard worden binnen Europa vanaf 1 juli. Dus toch maar een PCR-test aanvragen. Het nieuws dat iemand van het team niet kon afreizen nadat hij een zwak positieve coronatest had afgelegd, zorgt voor nog meer ongerustheid.

Dag 1: de heenreis

Gelukkig raken wij en de rest van de groep wel gezond en zonder problemen in Corvara. De bergen lonken en dus maken we meteen van de gelegenheid gebruik om de Campolongo en een deel van de Passo Gardena te beklimmen. Op een combinatie van euforie en adrenaline rijd ik gezwind naar boven. Dat gaat goed!

Dag 2: kennismaking met de bergen

Na een goede nachtrust genieten we van een schitterend ontbijt. Op het programma staat een rit naar de Passo Fedaia. Onbekend terrein voor mij, maar we gaan er het beste van maken. De sfeer is goed en op adrenaline vliegt de eerste klim voorbij. Vervolgens de Passo Pordoi, een mooie klim maar de beentjes beginnen al zwaar aan te voelen. Ben ik te snel gestart? Uiteindelijk bereiken we de voet van de Passo Fedaia. Die beklimming lukt ook nog, maar boven krijgen we het nieuws dat hierna nog twee beklimmingen volgen: de Passo Valporola da Caprile en Passo Falzarego. Nonchalant als ik was, had ik niet goed opgelet bij de uitleg van het parcours. De moed zakt me in de schoenen, pijn aan de onderrug en zware benen. Maar op karakter bereiken we toch het hotel.

Terwijl een deel van de groep nog doorzakt, kruip ik om 22:30 onder de wol, want helemaal gerust ben ik toch niet.

Dag 3: Sella Ronda

Het plan is om vandaag de Sella Ronda te rijden. Al snel wordt duidelijk dat de beentjes zeer zwaar aanvoelen. Pffffff… Op de Passo Campolongo zakt het tempo en toch voelt het zwaar aan. Ik beluit om de groep te laten rijden en op m’n eentje verder te gaan. Gelukkig wordt het gevoel in de benen beter en terug bij het hotel voel ik me zelfs goed genoeg om de Mür dl Giat te beklimmen. Kort maar krachtig. Wat gaat dit geven na 130km en de Passo Giau? Afwachten.

Dag 4: het beest!

Met een bang hartje opgestaan, want vandaag wacht de verkenning van het beest: de Passo Giau! En het weer zit ook al niet mee. Net zoals de voorbije dagen moeten we eerst weer de Passo Campolongo bedwingen, en net als gisteren heb ik weer erg slechte benen op deze klim. Eigen tempo zoeken dan maar.

Na wat glooiende wegen komt eindelijk de Giau in zicht. Wat zal dit geven? Ik besluit opnieuw om voor een rustig tempo te kiezen. Gaandeweg wordt echter duidelijk dat de klim best wel haalbaar is als je niet te gek doet. Na 1u 03 bereik ik de top en het vertrouwen krijgt weer een boost. Dit moet lukken! Ook de laatste beklimmingen gaan goed en na een natte afdaling bereiken we veilig het hotel.

We sluiten de dag af voor de televisie. België moet het op het EK namelijk opnemen tegen Italië. We zullen de Italianen wel een lesje leren! Maar helaas draait het anders uit en de avond eindigt met een domper.

Dag 5: weerberichten checken

De dag voor de wedstrijd. Nog even de Gardena op voor een koffie. Zoon Kerim checkt voor de 336e keer het weerbericht. Aanvankelijk zijn de berichten gunstig maar naarmate de dag vordert, wordt het weerbericht steeds onheilspellender. Samen met het weerbericht wordt ook de spanning in de groep steeds voelbaarder.

Dag 6: de grote dag

Na een korte nacht al zeer vroeg aan het ontbijt en om 6 u stilletjes naar het startvak vlak bij het hotel, wel makkelijk zo. Even later komt startvak 3 rustig op gang. Al snel kom ik al tot de conclusie dat de benen opnieuw zwaar aanvoelen. Op de Passo Campolongo loopt het niet vlot omdat de hartslag maar niet naar het gewenste niveau wil gaan. Deju toch…. Na de eerste afdaling volgen de Passo Pordoi en de Passo Sella. Hier begint het iets vlotter te lopen, maar de hartslag blijft zich halsstarrig gedragen. De leeftijd misschien? Gelukkig worden we gespaard door de weergoden, het blijft voorlopig droog.

De tweede beklimming van de Passo Campolongo gaat vlot en aan de afslag bij de Giau besluit ik om voor de korte afstand te gaan. De laatste beklimmingen, de Passo Falzarego en aansluitend de Passo Valparola gaan goed, maar ik ben toch blij dat ik de Giau links heb laten liggen. Nog snel de Kattenmuur over en na 5u15 bereik ik de finishlijn, goed voor een 44ste plaats op 313 deelnemers in mijn leeftijdscategorie. Veel beter dan ik zelf verwachtte, want het gevoel was niet geweldig en de hartslag maakte me ook al niet veel wijzer. Misschien toch maar investeren in een wattagemeter?

Alle Granfondoteam-leden bereiken veilig de aankomst en zo kunnen we uiteindelijk tevreden en voldaan terugkeren naar het hotel. En we zijn nog geen 2 minuten binnen of het begint hard te regenen!

De avond sluiten we gezellig af een pintje en het gebruikelijke verbroederen en nakaarten met de rest van de groep. Hopelijk zijn we in 2022 weer van de partij!

Auteur: Rudi Schellingen